the Road to Mandalay

Road to Mandalay

Geschatte leestijd: 9 minuten

We kunnen er nog steeds niet bij dat Robby Williams een heel lied aan de Road to Mandalay gewijd heeft. Hij móét hier wel met het vliegtuig gekomen zijn, want anders had hij dat toch echt niet in z’n hoofd gehaald. Of hij heeft een hele andere weg gevonden dan die waar wij langs gingen. Onze road to Mandalay is in elk geval bijzonder hobbelig en na onze aankomst, in een veel te oude en krappe bus én met halverwege onze eerste lekke band van de reis doen we de eerste dag na aankomst niet veel.

De tempels van Mandalay

De volgende ochtend gaan we dan wat sites seeën, al lopend naar de Mandalay Hill, waar een bonte verzameling tempels en kloosters op en omheen staat. Vooral de volledig teakhouten Shwenandaw Kyaung is de moeite waard, met al z’n houtsnijwerk.

Op de fiets gaan we naar Shwe In Bin Kyaung, een klooster in het Zuid-Westen van de stad, gelegen in een wijk waar honderden monniken wonen. Inderdaad zien we overal rood-bruine gewaden, als we na een tochtje over onverharde, hobbelige wegen aankomen in de juiste wijk. Ook deze Road to Mandalay, of eigenlijk “from Mandalay”, is niet om over naar huis te schrijven, laat staan om er een lied over te schrijven. Het klooster is dan wel weer heel mooi gelegen aan een stroompje en bestaat compleet uit hout, dat schitterend bewerkt is, maar helaas niet zo goed onderhouden. Een dikke laag stof zit op het houtsnijwerk binnen en buiten zijn veel mannetjes nauwelijks meer herkenbaar, doordat de regen ze heeft afgesleten.

Mandalay Shwe In Bin KyaungIn Mandalay is de Shwe In Bin Kyaung een niet te missen bezienswaardigheid.

Verder naar Amarapura

We stappen weer op de fiets en zijn in de zoveelste ongeasfalteerde weg blij met onze dikke zadels. Aan de zuidkant rijden we de stad uit, naar Amarapura, waar we ’s werelds langste teakhouten brug bekijken, van meer dan een kilometer lang. De omgeving van de U Bein brug is erg mooi en landelijk, de staat van verval en het lelijke betonnen herstelwerk van het geheel zijn iets minder charmant. Monniken en dorpsbewoners lopen van klooster naar tempel en van school naar dorpje, die de brug over het water met elkaar verbindt. Ook wij wagen ons naar de overkant en weer terug, soms flink heen en weer schommelend. Na een late lunch in de omgeving fietsen we terug naar de stad.

Amarapura U Bein brugDe U Bein brug in Amarapura wordt dagelijks door veel locals gebruikt om het meer over te steken.

Mandalay markt

Omdat de markt altijd de leukste manier is om lokale mensen bezig te zien gaan we vanochtend eerst naar de levendige “produce market”, een eindje verderop in onze wijk. Op deze markt is werkelijk alles te koop wat vers is en de diversiteit van producten is groot. Waren we gisteren al door verschillende onverharde straten gefietst, hier is het echt één grote zandbak. Dat is dan Myanmar’s tweede stad met ongeveer een miljoen inwoners. We kopen een lekkere papaya, die we in onze kamer opeten en dan gaan we op zoek naar een taxi die ons naar Sagaing kan brengen. Uiteraard doen we dat niet bij de altijd aanwezige taxi-maffia die voor ons hotel rondhangt, maar gaan we even een straat verderop.

Mandalay Produce MarketDe Mandalay Produce Market is een prima plek om de lokale bevolking bezig te zien.

Sagaing

Achterin de “blue taxi” van een man die níét het dubbele tarief vroeg stuiteren we korte tijd later de stad uit. Het landschap is dor, maar toch zo mooi, met al z’n grote, eeuwenoude bomen met metersdikke stammen. Een uurtje later staan we voor de eerste tempel en omdat we de taxi voor de dag gehuurd hebben rijden we overal lekker lui naar toe. De tweede tempel zou een grottempel met oude rotsschilderingen moeten zijn, maar na de speurtocht er naartoe komen we voor een gesloten hek. De jonge monnik, een kind nog, maakt duidelijk dat de sleutel van de grot ergens anders in het dorp is en met onze taxi verdwijnt hij om hem op te halen. Als ze even later terug komen is dat helaas zonder sleutel: op maandag is de grot gesloten wordt ons met handgebaren duidelijk gemaakt. Jaja, zeker de oppermonnik z’n dag in het plaatselijke “Rum-station”.

Enigszins teleurgesteld vertrekken we weer, om een kijkje in een nonnen-klooster te nemen. Als één van de oudere, in het roze geklede en kaalgeschoren, nonnen ons ziet worden meteen een aantal andere nonnen opgetrommeld en samen dragen ze een lied voor. Ook wordt de oudste non, van maar liefst negentig jaar oud, opgehaald. Zij is de lerares van de jongere dames en al haar hele leven in het klooster. Het oude, roze besje wil graag op de foto en daarna leiden een paar van de jongere meiden, die een enkel woordje Engels spreken, ons rond.

SagaingDeze oude non ontmoetten we in Sagaing, waar we ook dit spectaculaire uitzicht hadden.

Halverwege de middag wagen we de klim naar de hoogstgelegen stupa, als we mister Quick tegen komen. Mister Quick is een monnik, die naar eigen zeggen het snelst van alle monniken hier de trappen naar de top kan beklimmen. Hij is een aardige vent en als hij hoort dat de grottempel gesloten is vandaag, neemt hij ons mee naar een andere, onbekende tempel die ook grot-schilderingen heeft. In gebrekkig Engels vertelt hij ons de verhalen bij de afbeeldingen.

de slangentempel in Paleik

Onze rustige, niet-Engels-sprekende chauffeur beviel ons wel en daarom gaan we nog een dag met hem op pad. Stipt om half tien vertrekken we en wederom gaan we aan de zuidkant de stad uit. Na de rattentempel in Deshnok, India, gaan we ons nu in een slangentempel wagen. In Paleik vereren de Buddhisten twee pythons, de grootste is een meter of vier lang en al tweeëndertig jaar oud. Elke dag om elf uur is er een ceremonie waarbij de slangen in bad gaan en gevoerd worden. Gelovigen kunnen ook met één van beide slangen op de foto, uiteraard tegen betaling van de nodige donaties.

Na de ceremonie willen we naar Inwa, maar onze chauffeur laat ons eerst nog een heel park met wel honderd nieuwe en oude stupa’s bij elkaar zien. Het is een bijzondere verzameling op slechts een kleine oppervlakte en we vinden het eerlijk gezegd haast mooier dan Bagan.

de slangentempel in Paleikde slangentempel in Paleik en het stupa park ernaast zijn zeker de moeite van een bezoekje waard.

Het platteland rondom Mandalay

Dan nemen we een binnendoorweggetje tussen rijstvelden en akkers door naar de voormalige hoofdstad Inwa. Regelmatig zijn er kleine dorpjes van rieten huizen en ook nederzettingen van nomaden, die hun verblijven van palmbladeren hebben gemaakt. Als er zo’n kamp redelijk dicht bij de weg staat vragen we om even te stoppen en gaan we dichterbij kijken. Deze mensen hoeden koeien en trekken van de ene plek naar de andere om hun beesten te voeden. De drinkbakken zijn handgemaakt van uitgeholde boomstammen, poep wordt voor de hutjes gedroogd om op te koken en werkelijk al hun spullen zijn zelfgemaakt. De vrouwen en kinderen vinden het openlijk erg interessant dat we even komen kijken en de mannen stiekempjes ook. De digitale camera, waarop je jezelf kunt zien aan de achterkant is hier nog een wonderlijk iets en zo vermaken we ons een tijdje.

platteland bij MandalayOp het platteland in de omgeving van Mandalay tref je nog overal nomaden aan met hun vee

Inwa

Inwa is een eiland en als we bij de veerboot aankomen, voor de overtocht, worden we belaagd door kinderen die kraaltjes en kaarten willen verkopen. Ook de verhuur van paardenkarren aan de overkant is een ware toeristenkermis, waarbij we geen andere keus hebben dan te veel te betalen, maar ach… voor vier dollar kun je eigenlijk ook niet klagen. Zo zitten we dan weer eens in een paardenkar, die ons naar de drie grootste bezienswaardigheden brengt. We zijn niet heel erg onder de indruk, zowel van de tempels als van de andere uitzichten, maar het is wel een relaxt middagje zo. Gezien de kwaliteit van de wegen en de hardheid van het bankje van ons vervoer de afgelopen twee dagen zijn we blij als we weer in Mandalay zijn. We eten bij ons inmiddels favoriete straatstalletje en doen verder niks meer.

InwaHet gewone leven en de toeristenkermis bestaan in Inwa gewoon naast elkaar

Mingun

Met de boot varen we de Ayeyarwady rivier op, naar Mingun, een verzameling van stupa’s en kloosters, waar je heerlijk tussen kunt ronddwalen. De grootste stupa is nooit afgebouwd, maar is met z’n huidige vijftig meter toch al enorm en van verre zichtbaar.

Mandalay MingunOp een klein eindje varen vanaf Mandalay vind je het prachtige Mingun

Op de terugweg zien we nogmaals het leven op en aan de rivier aan ons voorbij trekken. Mensen vervoeren van alles op hun boten en grote hoeveelheden boomstammen worden stroomafwaarts gebracht voor de verkoop. Er wordt gevist in kleine bootjes en aan de oever staan de rieten hutten pal aan het water gebouwd. Die avond eten we voor het laatst bij ons vaste straatrestaurantje, vóór we morgen met de nachtbus naar Yangon terug gaan. Heel benieuwd in wat voor staat die road to Mandalay verkeert.

De minder favoriete bezienswaardigheden van Mandalay

Pas ’s middags wagen we ons buiten, om naar het museum te gaan. We hadden ons de moeite beter kunnen besparen, want uiteraard is er weer eens geen stroom en het gebouw is te donker om het tentoongestelde behoorlijk te kunnen zien. Was het licht wel aan geweest dan hadden we kunnen zien dat er overal een stoflaag van minimaal een jaar op ligt en dat de glazen van de kasten nauwelijks meer doorkijkbaar zijn. Het treurige gastenboek laat zien dat er deze week ook nog maar één andere bezoeker geweest is. Al gauw staan we weer buiten.

’s Avonds lopen we naar de andere kant van de stad om de poppenshow te zien en dát is wel echt de moeite waard. De poppen zijn handgemaakt en zien er schitterend uit en de spelers zijn zeer bedreven. De hele voorstelling wordt begeleid met live muziek op traditionele instrumenten. Helaas zijn er naast ons slechts twee andere mensen gekomen, dus klappen we elke keer maar extra hard.

Heb jij nog aanraders voor een bezoek aan Mandalay?

Category: MyanmarRondreizenVerre Reizen

Tags:

Reageer!


20 comments

  1. Okee ik ben echt als de dood voor slangen, maar de slangentempel ziet er wel heel mooi uit. Misschien toch maar overwegen mocht ik daar ooit in de buurt zijn 🙂

    1. Oh, dat had ik nou helemaal niet van je verwacht… in mijn ogen ben je echt een bikkel die nergens bang voor is, haha. Maar inderdaad, deze tempel is wel de moeite hoor. 🙂

  2. Ik dacht altijd dat het liedje ‘Road to Mandalay’ zijn naam kreeg door het gedicht van Kipling en het oude stoomradschip!

    De weg naar Mandalay vond ik niet altijd even bijzonder. De boottocht tussen Mandalay en Bagan wel.

    1. Dat is inderdaad een erg bekend probleem, die steeds langer wordende lijst. Erg is dat hè?! Heb er zelf ook onwijs last van, zeker als ik weer een nieuwe bestemming tegenkom op een leuke blog. Misschien moeten we stoppen elkaar zo te inspireren. 🙂

  3. Leuk verslag. Die arme Robbie Williams weet waarschijnlijk niet wat hem overkomt als hij een keer Mandaly echt zou bezoeken! 🙂 Het lijkt me een interessante stad met een aantal super mooie en interessante bezienswaardigheden, maar wel jammer dat ze bijvoorbeeld het houtsnijwerk van de tempels zo slecht onderhouden. 🙁

    1. Ja, dat vonden wij ook zeker jammer zoals het er stond te verstoffen. Zo zonde! Hopelijk komt er snel verandering in en gaan ze het beter bewaren, anders is er over een tijdje niks meer van over.

  4. Goede herinneringen aan Mandalay en de omgeving en zo veel leuke herkenbare dingen in dit blog. Alles ligt nog zo vers in het geheugen, ik wil zo weer terug! Wij kwamen er vlak na Yangon (via een prima weg met prima bus) en vonden het ook apart dat dit zo’n dorpse, stoffige stad was. Dat hadden we niet echt verwacht.

    1. Ah, leuk dat jij ook zulke goede herinneringen aan Mandalay hebt! Ik zou ook best nog een keertje terug willen, maar heb ook nog zoveel plekken waar ik nog niet geweest ben die ik ook eerst nog wil zien. Haha, puur luxeprobleem natuurlijk weer. 🙂

  5. O hahahaha… ik gok maar zo dat Robbie Williams nog nooit die road naar Mandalay heeft gezien. Denk ik dan maar ja kan me vergissen. Ik ook niet hoor. Myanmar is nog wel een van de landen in Azie die nog op het ‘todo’ lijstje staat. Mooi verslag Yvonne! En prachtige foto’s!